Het zal wel meevallen

het zal wel meevallen column

Ach, het zal wel meevallen. Het komt wel goed. Niks aan de hand. Wij Nederlanders zijn over het algemeen een nuchter volkje. Dat is in sommige gevallen heel goed. Het zorgt ervoor dat er geen onnodige massahysterie uitbreekt. Toch zouden we ons soms iets meer zorgen mogen maken.

Je raadt het al, dit stukje gaat over corona. The big C. Ja, ook ik ben inmiddels wel een beetje moe van alle berichten die ik erover gelezen heb, alle gesprekken die ik erover gevoerd heb en hoe het ons wereldbolletje in zijn greep houdt. Toch is het nog steeds onze realiteit, hoe wars we er ook van zijn. En dat is wat de laatste paar weken mis lijkt te gaan. Omdat we simpelweg niet meer wìllen dealen met corona, betekent niet dat we er niet meer mee hóeven dealen.

Ik maak mij zorgen. De Horeca is hard getroffen is door deze pandemie. Ik heb gezien hoe de buffer, die mijn werkgever met vijf jaar enorm hard werken opgebouwd had, met twee maanden tijd als zand door zijn vingers is geglipt. Ja, risico van de ondernemer, ik weet het, maar pijn deed het me wel.

Van begrip naar nonchalance

Net op tijd mochten we weer gasten gaan ontvangen. Langzaamaan krabbelen we weer op uit de afgrond waar we ons in bevinden. En in het begin werkte iedereen daar ontzettend lief aan mee. Er was begrip voor de noodzaak om met tijdblokken te werken. Mensen hielden afstand van elkaar, desinfecteerden de handen. Nu lijkt daar echter een einde aan te komen, alsof men collectief besloten heeft dat corona voorbij is en dat we ons weer kunnen gedragen zoals voorheen.

Gasten komen een half uur te laat aan, weigeren te beginnen met eten om simpelweg tijd te rekken zodat ze niet op de afgesproken tijd het pand weer hoeven te verlaten. Ze zijn boos dat ze niet vier uur de tijd krijgen, want ze eten dan immers toch een gang meer dan ze zouden kunnen in een tijdsbestek van twee uur? Er komen groepsreserveringen van meer dan negen personen die niet uit hetzelfde gezin komen, maar wel bij elkaar aan tafel willen zitten. En ondertussen stijgt het aantal besmettingen.

We wanen ons onschendbaar

En niet alleen binnen het restaurant, maar ook op straat zie ik een samenleving die draait alsof niets gebeurd is. Op het strand liggen mensen hutjemutje op elkaar, in de supermarkt pakt iedereen braaf een kar om vervolgens met zijn drieën gezellig met elkaar te gaan staan kletsen en in de cafés wordt stiekem gedanst, gesjanst en gekust. En ik begrijp het. Iets wat we niet kunnen zien is moeilijk om rekening mee te houden. Het lijkt alsof er niets is wat ons kwaad kan doen.

Maar het is er wel. En wanneer we erachter komen dat wat we deden niet verstandig was, is het al te laat. Dat moment vrees ik. De sectoren die al lamgeslagen zijn zullen als eerste weer de klappen op moeten vangen en dat kunnen velen van hen niet meer. Uiteraard is dit virus het ergste voor de mensen die op de IC belanden en hun familie, laat ik dat voorop stellen. Maar mijn hart gaat ook uit naar alle hardwerkende horecaondernemers en hun personeel. Dus, zullen we onze nuchterheid niet door laten slaan naar domheid? Als we dat met zijn allen afspreken, dan zal het inderdaad wel meevallen.

Noreen Kaland is sommelier en assistent-manager in de horeca. 
Ze schrijft over de twee dingen binnen het mooie horecavak die zij het leukst vindt: de gasten en wijn.

Delen

Share on facebook
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email

Meer verhalen

Dateleed

De wandel dates van tegenwoordig geven ons heimwee aan de tijd dat de horeca nog open was. Daten in de horeca. Iets waar we uren over kunnen praten, Noreen schrijft erover.